Rock ’n Roll Circus & Potjiekos

Het is er best druk wanneer ik er langs loop. Op de hoek is een 7-11, een supermarkt. Daar staan altijd een aantal mensen te wachten tot er weer een taxi langs komt. Deze rijden in een rap tempo al toeterend om eventuele passagiers van hun komst te waarschuwen. Als ik al hun getoeter hoor, schud ik mijn hoofd van “nee, dank je”. Ze rijden je dan gewoon voorbij. En als ze je herkennen, steken ze even hun hand op of knipperen ze even met de lichten. Je weet dan dat je niet meer een standaard buitenlander bent, maar een Cape Townian. Het is dan nog maar een klein stukje, voordat ik door de parkeergarage in Gardens uitkom om boodschappen te kunnen doen. Met dat ik op de straat stap voor ons huis is het altijd even een overweging; lopen of taxi. Lopen is maar ongeveer 20 á 30 minuten. Met het busje is de tijd soms even lang. Het getoeter aan het begin van de straat trekt alweer mijn zin om de taxi te nemen. Als je gaat staan wachten komt er gewoon geen langs, dus wanneer er één in zicht is neem ik die. Ondertussen ken ik de meeste ‘drivers’ en hulpjes wel. De driver rijdt rond op zoek naar passagier en wanneer er mogelijke aan de kant van de weg staan of lopen begint hij/zij al te toeteren. Ik noem die jongens die de R2,50 aan nemen, nu maar even hulpjes om het voor je duidelijk te maken. Hij (ik ben nog geen vrouwelijke tegengekomen) opent de deur voor je, neemt het geld in ontvangst en geeft aan de driver door waar er gestopt moet worden. Er is er één die ‘mee’rijdt, hij zegt of de driver kan door rijden als er geen auto’s aankomen. Meestal ben ik één van de eerste die instapt en vaak moet de taxi (minibusje) nog door te wijk heen. Tegen het einde van de middag pikken ze veel werksters op. Zij zijn er in verschillende maten en talen, maar voornamelijk fors en Xhosa. Ze kennen elkaar allemaal en het busje is dan ook snel een gezellig en goed gevulde busje. De tong-kliks van het Xhosataal vliegen om je oren. Soms is het echt proppen en bij het instappen denk ik er gewoon niet aan.

Wanneer ik er bij Gardens dan uit moet (Je zegt dan gewoon “Thanx driver”) is het haast over de mensen heen klimmen. Soms tot groot vermaak van allen. Over het algemeen neem ik de taxi terug naar boven, aangezien het aantal plastic tasjes waar al je boodschappen inzitten in je vingers snijdt als je zou gaan lopen. De meeste hulpjes weten al waar je er uit moet en sommige zetten je echt vóór de deur af. Vaak tuft het busje met veel gebrom de wijk rondt tegen de heuvels op. Het is echt een toffe manier van ‘openbaar’ vervoer. Eenmaal thuis is het de boodschappen uitladen en achterin de koelkast zetten. Dit is af en toe de manier om het avondeten als een verassing te laten zijn voor Cathelijne en Helmer. Wanneer ik bijvoorbeeld, beneden in Gardens in de boekenwinkel heb rondgesnuffeld om wat inspiratie op te doen voor de sites, ga ik dat gauw nog even opschrijven of een goed begin maken zodat ik er weer de volgende morgen mee verder kan, zonder te hoeven nadenken wat het ook alweer was. Dat hoop ik dan altijd maar te doen voordat C en H thuis komen. Zo gauw de voordeur weer opengaat rond een uur of vijf is het gedaan met de rust. De verhalen van de dag worden vertelt en ik ga met het eten bezig. Mijn tijd achter de computer is dan voorbij. Of ze moeten allebei of één van hun gaat er dan achter zitten en ik ben dan overgeleverd aan mijn vrije tijd en dus sinds vorige week aan mijn nieuwe ontdekking; lezen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.